Hoofdredacteur van de Musicmaker Mark Postema laat weer eens goed van zich horen. Met een open brief aan het MCN en het ministerie van OCW spreekt hij zijn ongenoegen uit over het verkwanselen van subsidiegeld. Wat ook nog een oneerlijke concurrentie teweeg brengt. Marks punt: subsidie wat voor de popmuzikant is bedoelt komt nu in een muziekblad terecht waar a) de muzikant weinig aan heeft en b) een concurrentie voordeel geeft op andere muziekbladen.
Is zijn betoog/brief aan dovemansoren gericht, of is er een nuancering te plaatsen?
Een aantal kernpunten uit Marks betoog.
“Een voorwaarde lijkt ons echter wel dat subsidies voor popmuziek uiteindelijk ten goede komen aan degenen om wie het allemaal draait: de muzikanten. Helaas is dat lang niet altijd het geval. [...] qua concept is Fret [het gesubsidieerde blad in kwestie] steeds meer een kopie geworden van ons muzikantenblad Musicmaker [...] sinds januari is het blad ‘gerestyled’ en nu nóg meer een schaamteloze reproductie van wat de bestaande tijdschriften al bieden.”
“Wat verder bij iedereen de wenkbrauwen zou moeten doen fronsen is dat dit tijdschrift met subsidiegelden wordt gemaakt door een commerciële uitgever, die in de nieuwe opzet alle ruimte lijkt te hebben om exclusief zijn eigen – commerciële – muzikantenbladen onder de aandacht van de Fret-lezers te brengen. Ook is deze partij verantwoordelijk voor de advertentieverkoop, en het is knap lastig om je aan de indruk te ontrekken dat subsidie het hier mogelijk maakt om commerciële advertenties onder de marktprijs (door) te plaatsen.”
Als Marks geschetste beeld klopt, en hij zit dicht op de bladen als hoofdredacteur met de nodige know-how, dan ben ik erg benieuwd naar de reactie van MCN. Wat klopt er niet in het verhaal van Mark, en als het wel klopt, moet dit toch consequenties hebben?
Lees de hele brief op de kakelverse weblog van Musicmaker.


